Nederlands Engels

Achter onze tuin lopen schapen in de wei. Witte, bruine en bonte schapen. Super leuk, helemaal als in de lente de pasgeboren lammetjes heen en weer rennen en op en neer springen. Maar ik had nooit gedacht dat die leuke beestjes mijn leven totaal zouden veranderen…

Mijn buurman vertelt dat als zijn schapen geschoren worden, dat er dan nooit wat met de wol word gedaan. Helemaal niets. Voor hem is die geschoren wol niets anders dan afval. Hij geeft het daarom dan ook aan de schaapscheerder mee, die er maar een paar centen per kilo voor krijgt.

Weggooien? Ik weet niet wat ik hoor!

Ik vind dat zo zonde, daar kan ik vast allerlei leuks van maken, van hun afval.

Mijn creatieve brein slaat gelijk op hol, bij het idee van een zak vol wol. Dus als mijn buurman vraagt of ik wol wil hebben als zijn schapen het volgend voorjaar geschoren worden, hoef ik daar dan ook geen moment over na te denken.

En toen had ik opeens heel veel wol.

Ik dacht nog: “Leuk, een schapenvacht.”

Dat worden er gelijk vier, haha. Dus staat ons tuinhuisje opeens vol met grote zakken schapenvachten: een witte, een bruine en twee bonte vachten.

Op dat moment weet ik nog helemaal niet wat ik allemaal van al die wol wil maken. En heb ik ook nog geen idee hoeveel leuks ik met zo’n grote hoeveelheid allemaal kan doen.

Ik laat mij niet tegenhouden door gebrek aan ervaring

Mijn ervaring met wol bestaat tot dan toe uit breien en haken met kant en klare bollen wol. En een klein vachtje dat ik viltte, voor op een stoel.

Oftewel: mijn ervaring met ruwe wol is beperkt. Heel erg beperkt. Toch weerhoud dat mij er niet van om grote plannen maken.

Totaal onervaren als ik ben wil ik ‘gewoon’ een vloerkleed vilten van de bonte schapen van de buurman. En dan ook gelijk een heel groot kleed. Terwijl ik niet eens weet of de wol die ik heb daar wel geschikt voor is.

Vilten, hoe moet dat eigenlijk?

Ik weet niet eens wat ik moet of kan gebruiken als ondergrond bij het vilten. Of hoe de techniek van het vilten precies werkt. Daarom ga ik op zoek naar een ervaren viltster die mij daarbij kan helpen. Gelukkig heeft zij een viltmachine, wat voor het maken van zo’n groot werkstuk wel handig is.

Als het kleed klaar is laat ik het trots aan de buurman zien. Het is voor het eerst dat er iets was gemaakt van de wol van zijn schapen. Hij vindt het dan ook geweldig.

Dit is nog maar het begin

Mijn vloerkleed krijgt een mooi plekje op mijn werkkamer, waardoor die kamer gelijk een heel andere uitstraling krijgt.

Naast mij vloerkleed op de grond, hangt nu bijna twee jaar later één muur van die ruimte helemaal vol met strengen zelf gesponnen wol. En is mijn werkkamer, hoewel mijn MacBook er ook een vaste plaats heeft, steeds meer een echte ‘studio’ aan het worden.

Vier vachten is heel veel wol

Na het vilten van mijn vloerkleed heb ik nog steeds zo’n 3 schapenvachten over. En dat is best een heel grote hoeveelheid.

Ik ontdek dat ik het hele proces van vilten wel leuk vind, maar alleen om af en toe te doen. Want vilten kan je niet even snel tussendoor doen. Daar moet je echt tijd voor maken. En je moet er een aparte ruimte voor hebben, in verband met al het water wat je tijdens het vilten gebruikt.

Dus ga ik onderzoeken wat ik nog meer van de wol kan en wil maken. En vooral ook: op welke manier. En waarmee.

Al snel denk ik aan spinnen. Op een spinnewiel. Laat ik daar eens over fantaseren…

Lees ook